Mijn eerste hartverzakking heb ik inmiddels te pakken. Vanochtend wakker gworden van een natte neus van Pindakaasje op mijn neus, daarmee doelend op voedertijd … grrmbl … 08.30. Beneden aangekomen geen Obi Wan in zijn hokje, alle hoeken en gaten van de woonkamer, waar ik hem eerder uit gered had, geïnspecteerd … helemaal niks. Wel kwam ik op het overloopje naar boven een plasje water tegen wat niet direct aanwijsbaar kattenzeik was (wat het later wel bleek te zijn, bleekwater later).{Die kleine kan die trap toch niet opgekomen zijn? Dat is vergelijkbaar met moi die de mount Everest bestijgt.} Systematisch mijn woonkamer gedemonteerd wat op zich een paar interesante archeologische vondsten opleverde, maar nog steeds geen kleine vriend. Op mijn knieën voor Yoda was mijn laatste redmiddel en the Force wees mij toch naar de bovenverdieping (ehm dat was na het verplaatsen van de kachel en de ijskast). Boven was nog één plek wat zou kunnen en dat was een instabiele Tower of Death met dozen vol foto’s, cd’s en verouderde electronica afgestapeld met oude kleren. Na het een en ander verwijderd te hebben zag ik tussen muur en dozen wat haar en al ook al snel een ruggetje, wat er op het oog slap bijhing met het kopje naar beneden. Het moment van de hartverzakking (11.30) was daar maar gelukkig van korte duur. Toen mijn hand richting nekvel ging klonk er een welhaast een vrolijk geblaas. Ik zie nu wel in dat het één-ouderschap geen lichte klus gaat worden. Dag 3 … Drie katers zoeken lief poesje …






Roep Maar